Zwaluw

20.04.2015
|
0 Comments
|

Inderdaad maakte mijn eerste zwaluw op 6 april geen zomer. Hartstikke koud werd het. Misschien wel omdat ik die zwaluw geen eer aan kon doen. In de fractie van een oogwenk dat ie voorbij scheerde en tot stipje werd was ‘m benoemen tot boeren of huis ondoenlijk.

Ik mag voor me uit geroepen hebben dat het vast een boerenzwaluw was, dat telt natuurlijk niet. Het gaat om bewijzen. En het mag op het boerenland geweest zijn, maar was die staart wel ijl en lang? De onderzijde roomwit? De kin rood? Oké, noteer dan maar: 6 april, 1e boerenzwaluw.

Of was er tegen je gevoel in toch iets als een flits van alleen zwart-blauw-wit? Leek het er in die fractie van een oogwenk op dat er een korte gevorkte staart voorbij schoot? Ga er dan maar vanuit dat het een huiszwaluw was. Misschien wel een uit het groepje van vorig jaar dat nestelde onder de goot  van het eerste dorpshuis.

Een week later hoorde je ineens hun gekwetter in de lucht. Boerenzwaluwen, hoorde ik mezelf mompelen nog voor ze hun rode kelen en lange staarten te zien gaven. Het waren er nog maar drie, dus zomers was het nog steeds niet. Maar wel deed hoop toen direct leven. Waarom bijvoorbeeld niet de tijd nemen om naar hun scheren te kijken en van hun kwetteren te genieten? Waarom niet schatten hoeveel centimeter hoog het nieuwe riet was? Waarom niet de oren gespitst om ieder geritsel in het riet op te vangen omdat het tenslotte toch een blauwborst of een rietgors kan zijn?

Zwaluwgeluidjes in de lucht zijn inmiddels alweer behoorlijk gewoon aan het worden. De temperatuur is dan ook graadje voor graadje gestegen. Laatst in het avondschemeruur dansten er muggen boven het oude riet van de Korte Nauw. Het nieuwe riet schatte ik gisteren op dertig centimeter hoogte. En mijn mannetje rietgors was in gezelschap van een vrouwtje.

Laatst bedacht ik me dat de tijd van goede moed weer zou gaan aanbreken. En ziedaar!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *