Voorbodes

5.03.2018
|
0 Comments
|

Maandag 5 maart
Het was natuurlijk al een voorbode toen op 21 februari die dikke driehonderd ganzen hier overvlogen. Niet van het voorjaar, want ze vlogen van oost naar west. Verdikkie, het werd winter. Een die alles en iedereen gemeen in de houdgreep nam. Sneeuwklokjes bogen deemoedig. Winterakonieten verschrompelden. Vogels bolden op. En ineens, van het ene op het andere moment werd het voorjaarsachtig. Kraste niet alleen kraai uitbundig, maar zong koolmees, pimpelmees, roodborst, winterkoning, vink en… nee… ja toch: fitis!

Dinsdag 6 maart
Op de terugweg naar huis stap ik ter hoogte van het rietland toch even de auto uit. Want stel je voor dat er een rietgors aangekomen is! In mijn nette jas en op mijn nette schoenen sta ik te luisteren. Meer dan luisteren is zonder verrekijker en met traanogen trouwens niet mogelijk. Ik hoor ganzen. Als ze hun snavel houden is er alleen windgeruis. Dan een of ander knullig stotterend roepje. Ineens herken ik het van vorig jaar. Toen ik wel een verrekijker bij me had en bevestigd kreeg wat ik nu durf te denken. Dat er voorbij mijn tranen een rietgors aan het oefenen is.

Woensdag 7 maart
Er zijn grutto’s gearriveerd, zeggen ze. Dus rijd ik hier in de buurt alle landjes langs waar ze in voorgaande jaren op doorreis rustten. Niks – wel ganzen, eenden en scholeksters.
Steenuiltjes zonnen graag in de gaten in knotwilgstammen. Zeggen ze. Dus fiets ik als de zon gunstig staat de kade langs. Van alles in de stammen! Gezichten, spoken, getuite lippen, bicepsspierballen. Verder niks – wel mussen, koolmezen en pimpelmezen.
Het ijsvogeltje schiet altijd langs de rietkant onder het bruggetje door. Zeggen ze. Niks – wel meerkoeten, waterhoentjes en futen.
De kieviten baltsen, zag ik zelf al. En jawel! Ook heerlijk, hoor.

Donderdag 8 maart
Je hebt slimme vogels, zoals kauwtjes. Die zijn zelfs superslim. Er zijn ook domme vogels. Zoals park-eenden, of mix-eenden, om niet het vogelaarswoord soep-eenden te gebruiken. Bij mij zijn tuin-eenden. Die zijn zelfs superdom! Ze draven ook na de afgelopen ijstijd steeds achter me aan. Ze hopen op strooivoer. Terwijl dat in de slootkant voor het oppikken ligt. Juist daar, want ze moeten terug de sloot in. Zes echtparen zijn het. Voorboden van zes nesten, tig eieren en schattige pulletjes. Maar dóm!

Vrijdag 9 maart
Over gisteren. Het is in de namiddagschemering van een zonnige dag. Het uurtje waarin vogels ineens weer erg actief zijn. Daarom wil ik bij het rietland kijken. Maar er is een gure wind opgestoken. Donkere wolken klauwen zich vooruit. Er valt een kille bui. Gelukkig heeft mijn jas een capuchon. Ik zoek de luwte van het dode riet op. Water blubbert omhoog naast mijn schoenen. Stokstijf stil blijven nu. Luisteren. Maar nee, niets dan wind, regen en kraken van oude rietstengels. Fijn dat thuis bruine bonensoep klaar staat. Nu kan ik hier, in de luwte van het leven, gelukkig nog wat langer op voorbodes wachten.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *