Vogelvrij

29.10.2018
|
4 Comments
|

Het lukte zonder morsen, een beker koffie uit de thermosfles drinken in de auto achter de dijk bij Piaam aan de Friese IJsselmeerkust. En het speculaasje smaakte naar meer, maar ik beheerste me. De tweede beker was voor later, na het vogelkijken in de vogelkijkhut in de buitendijkse waard. Een hele heerlijk eenzame vogelkijkvrije week lag voor me. Goed uitgemikt, net voor de herfstvakantie ging beginnen.

Maar wat deed dan die jonge vader met die twee kleine jochies verderop? Door de verrekijker zag ik ze naar de dijktrap lopen. Néé! Néé! Ze gingen naar de vogelkijkhut in de buitendijkse waard! Wát eenzaam? Ik wil geen vogelaars in mijn hut, stampvoette mijn vogelvrouw inborst. En al helemaal geen vader die zijn kinderen tegen heug en meug de natuur laat beleven.

Ze liepen voor me uit met schelle stemmetjes en snelle sprintjes. De ene na de andere blauwe reiger schoot rauw krassend uit het rietland omhoog. ‘Alweer een reiger, jongens,’ zei papa toen ik ze inhaalde. ‘Leuk, die kennen ze alvast,’ reageerde mijn sociale ik bij het passeren zo blijmoedig mogelijk.

Maar je moet toch wat. Zwijgzaam bloedserieus door je verrekijker blijven turen is niet vol te houden. Dus parkeerde ik mijn vogelvrouw inborst maar even elders. En, ja hoor. Ze kwamen uit het zuiden van het land. Daar was het herfstvakantie. Ze logeerden in een huisje. Ze gingen in de hut hun croissantjes opeten. En dan terug naar opa in het huisje. Ze wilden graag álle luikjes van de hut opendoen. Op álle banken klauteren. De croissantjes lustten ze eigenlijk niet. En papa kreeg telefoon van opa.

Inborst had intussen het een en ander geregistreerd. Kieviten in het ondiepe water van de voorliggende IJsselmeer-inham. Goudplevieren. Scholeksters. Zwanen, nu te ver weg om te zien wat voor zwanen. Grote zilverreigers. Wilde eenden, bergeenden. En wat bewoog daar voor bruins in de rietkant? Toch geen roerdomp? Toch geen purperreiger?
‘Een ree! Een ree in de rietoever!’ riep Inborst uit. ‘Een ree is zoiets als een hert,’ verklaarde Sociaal terwijl ze jochie 1 de verrekijker omhing. ‘Kijk maar. Goed vasthouden. Recht voor je ogen houden.’

‘Een hertje!’ brulde jochie 1. Er vlogen twee blauwe reigers op. ‘Ik óók kijken!’ brulde jochie 2. Als bij toverslag stegen de kieviten op. Een feest van zwart en wit dwarrelde boven het water. Papa legde neer. Hij wilde ook wel even kijken. ‘Een ree. In het wild. Jongens, zagen jullie dat?’
Inborst stond in de startblokken om te zeggen dat er ook kieviten waren, en goudplevieren, scholeksters, zwanen, zilverreigers, wilde eenden en bergeenden. Maar ze gingen weg, zo snel mogelijk moest opa het weten van dat hertje in het wild.

In alle heerlijke eenzaamheid gaf ik me uitgebreid over aan de zwanen. Knobbelzwanen en kleine zwanen, wees later de vogelgids in de auto uit, bij de tweede beker koffie en naar ik meen zes speculaasjes. Maar geen wilde.

4 reacties op “Vogelvrij

  1. Helena Blokker Stam schreef:

    Heerlijk Roos. Ik voel het mee. Vanuit mijn luie stoel, notabene aan de rand van Schagen, zie ik een kleine specht. Dan een keep. Wat een weelde vogelvrouw als je in zo’n uitzicht kunt verdwalen. Groetjes Helena.

    • roosverlinden schreef:

      Wat bof jij met zo’n woonplek! Blijf er maar lekker (ver)dwalen en kijken naar het schouwspel van de herfst. En dank voor je reactie!

  2. Shoshannah Brombacher schreef:

    Wat een heerlijke column!!!! Genoten.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *