Over het hoofd gezien

12.11.2018
|
1 Comment
|

Soms ziet de natuur over het hoofd dat je er bent. Bijvoorbeeld als je al urenlang onbeweeglijk zat, bij wijze van spreken dan. Of wanneer jouw bewegingen gelijk opgingen met het wuiven van riet of wilgentakken. Of misschien gokt de natuur er op dat je dan in gedachten verzonken bent en daardoor niets ziend en niets horend.

Toch hoorde ik die schemerige namiddag in november mijn eigen langeafstandswandelschoenen hosklossen op het verharde wandelpad tussen de duinmeertjes. Dwars door mijn gedachten heen. Ik hoorde ook hoe riet, vlieren en wilgen in de oever het water een halt toeriepen. En ik voelde hoe de wind bij vlagen streng en guur werd. Hoe ie zich, net toen ik mijn handen dieper in de zakken van mijn jas duwde, goedmoedig terugtrok.

Mijn gedachten bleven inderdaad de boventoon voeren. Ik moest er nu eenmaal achter komen hoe het kon dat de vrouwelijke hoofdpersonage in het boek waaraan ik schreef… Afijn, en toch zag ik hoe in het wijkende daglicht de overgebleven rozenbottels en duindoornbessen hun kleur verloren. Hoe grijs het riet alweer was, hoe vaal de wilgenblaadjes en dat er dertien, ja dertien, zwart met witte kuifeenden dobberden.

En ineens zetten mijn gedachten bruusk en koppig als een ezel de hakken in het zand. Ik bleek zelf ook stokstijf stil te staan. Want hoe kon het dat er, van het ene moment op het andere, een windvlaag uit het noorden leek te naderen? Hoe kon het dat ie van een lange zucht aanzwol tot iets dat als een golf over me heen leek te gaan rollen? Wat ineens nog gebeurde ook. Nog voor ik mijn adem in kon houden. Een tientallen meters brede zwarte golf van honderden, honderden kleine golfjes spoelde over me heen. En vanuit elk van die golfjes zoefde zachte wind, zoals wanneer een vogel laag over je heen vliegt.

De golf danste vlak boven me. Maakte rechtsomkeert. Zwenkte nogmaals. Steeg op. Hoger en hoger. Daalde dieper en dieper en nog dieper. Mijn gedachten riepen spreeuwen! en maakten dat ik kon bukken. De golf spatte in de omzoming van het pad uiteen. Een kwetterkoor van jewelste barstte los.  Een zucht die ook voorbij gleed was van mezelf.

Spreeuwen, herhaalden mijn gedachten. Een zwerm van misschien wel duizend doodgewone spreeuwen. Ze hadden zich, toen ze de schemering aangekondigd was, ergens heel verderop van alle kanten komend verzameld. Vervolgens geoefend in zwermvliegen, veilig tegen roofvogels. En nu hadden ze hier hun slaapplaatsen gevonden, veilig met elkaar in de nacht die komen ging. De natuur had het ze laten doen. De natuur had het mij laten meemaken. Niet met opzet, maar gewoon over het hoofd gezien dat ik er was.

Een reactie op “Over het hoofd gezien

  1. Affodil schreef:

    Jaloers!!! Dat zou ik ook wel eens willen meemaken. Niet van op een afstand staan kijken naar dat zwermen, maar er middenin zitten. Eventuele spetters neem ik er voor lief bij.

    Op Terschelling heb ik eens middenin een paniekvlucht van ganzen gestaan: 3 akkers met elk hun eigen soort, maar toen ze door een auto werden opgeschrikt werden ze één zoveelduizendvoudige paniekgolf. Oorverdovend! (en gelukkig toen geen luchtafweergeschut, want de “bommen” die zij uitgooien zijn niet mis…”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *